Maar met de moestuin gaat het goed

Na een jaar lang de woning opknappen, ben ik al een tijdje op zoek naar een nieuwe weg. Die heb ik nog niet gevonden. Daarom blog ik ook niet meer. Even dacht ik nog te gaan schrijven over de rattenplaag, over de rattenvangers van de gemeente, over de lekkage, over alle experts die het lek niet konden vinden, over de riolering die uiteindelijk helemaal vernieuwd moest worden, over het harde bestaan van loodgieters, over de krochten van de kruipruimte, en over het bereiken van het uiteindelijke doel: De Vloerisolatie. Nee, helaas, een gepasseerd station. Tijdens de verbouwing was het te hard werken om te schrijven, nu geniet ik liever van het resultaat. En zoek ik een nieuw pad.

Met de moestuin gaat het ondertussen goed. Die nieuwe afslag zal ik dus ook wel vinden. Tot die tijd, geen woorden maar beelden.20170602_085441

20170601_195954

20170608_195536

Wat staat dit jaar in de moestuin: van alles. Tijm, munt, oregano, salie, bieslook, knoflook, rucola, bieten, aardbeien, druiven, bessen, courgette en tuinbonen om wat te noemen.

De hoge planten op de voorgrond zijn artisjokken. Op een gegeven moment komt er een zwarte luis in. Die krijg je weg door er de tuinslang met een harde straal op te zetten.

Links op de hoek staat een olijf. Verder probeer ik het weer met tomaten. Tomaten mislukken bijna altijd buiten de kas, maar ik blijf het hardnekkig proberen. De tuinerwten kan ik bijna oogsten.

Bijzonder trots ben ik op de mierikswortel. Wie heeft er nu mierik in de tuin. Dit jaar heb ik ze wel uitgegraven omdat ik anders bang ben dat ze met hun wortels de hele tuin gaan overnemen. Maar in de pot doen ze het niet zo goed, dus mogen ze misschien toch weer terug de aarde in.

20170608_213415

20170602_085210

20170608_213208

20170602_085237

 

Advertenties

Comeback van de donkere stalkers

Denk je: gelukkig, van die kakkerlakken ben ik verlost in Nederland, krijg je nieuwe donkere achtervolgers. Niet weg te slaan! Wat doen die eksters en reigers eigenlijk in mijn tuin? Hebben ze niets beters te doen dan schreeuwen en als kamikazes laag overvliegen? Moeten zij ze niet opeten of zo? Of hebben die beesten geen natuurlijke vijanden soms? Wat ik ook doe, ze komen telkens weer met de hele extended family terug! En eten al mijn frisse, jonge, telkens maar weer opnieuw gezaaide, schattige, lieve groentetjes op!

Nu ben ik niet de enige met Dit Probleem. Lees verder

Stoppen met roken, een makkie

Wat moest ik vanochtend weer lachen om Marcel van Roosmalen die in zijn column vertelt over zijn traumatische ervaring met stoppen-met-roken-consulente-Lies. Marcel houdt van roken, zoals hij regelmatig in zijn columns laat weten. Ik hield ook van roken. Ontzettend veel zelfs, negentien jaar lang. Nooit had ik gedacht dat ik zou stoppen. Het gebeurde toch. Eigenlijk best onverwacht en inmiddels tien jaar geleden. En ik rook nog steeds niet. Lees verder

Zzp’en en niet betaald krijgen

Zucht. Ben je net lekker bezig en denk je dat zzp’en gaat lukken, dan blijven opeens de betalingen van je grootste opdrachtgever uit.

Je stuurt eens een paar mailtjes, dan een officiële betalingsherinnering en je probeert je opdrachtgever telefonisch aan de lijn te krijgen. Uiteindelijk lukt dat en het antwoord dat je al vreesde, volgt: we hebben geen geld meer. We wachten zelf op een betaling. Volgende week waarschijnlijk. En dan gaan meteen alle betalingen uit. Nog even volhouden alsjeblieft. Lees verder

10 graden: tijd voor de moestuin?

Het is u misschien wel opgevallen: Mijn tuin – Mi kunuku produceert de laatste tijd niet zo veel. Of dat nu komt door een gebrek aan tropische zon of door een overweldigende hoeveelheid zzp-opdrachten voor ‘Proef Amsterdam’ is niet geheel duidelijk. Aanstaande zondag belooft het echter 10 graden en flink zonnig te worden. De lente in aantocht. Tijd om de moestuin weer eens op te pakken? Lees verder

Green Monday

Vandaag op Blue Monday, volgens psycholoog Cliff Arnall de meest deprimerende dag van het jaar, ga ik voor groen. Groen voor meer bomen en planten in de stad. Groen voor een weelderige moestuin. Groen voor ‘ja het kan’. En groen voor een groen Amsterdam in de vorm van Groen Links. Want Groen Links wil nog steeds de scooters van het fietspad af hebben, een goede zaak. Onlangs werd ik door zo’n zogenaamde snorfiets geramd. Lees verder

U wint twee vliegtickets….ja, ja!

“Gefeliciteerd, u wint twee vliegtickets!” kwam er begin oktober binnen op mijn e-mail. Afzender NRC Media. Goh, is dit echt? Ja, het was echt. Dat was nog eens goed nieuws. Ik zag het al helemaal voor mij: mijn redactie-opdracht Italiaanse nachten  verder uitvoeren vanaf mijn balkon aan het San Marcoplein van Venetië.

Foei NRC
Wel viel de laatste regel op: “PS Belangrijk: houd rekening met de eigen bijdrage, minimaal 8 weken vooraf te boeken, de reisperiode tot en met 31 december 2013 (uiterste vertrekdatum 27 december) en minimaal 4 nachten verblijf.” Omdat ik sinds mijn avontuurtje met ActeerVacaturen opeens gek ben op het lezen van kleine lettertjes, dook ik ook maar in die van deze ‘winactie’. Aha, Zoon kon niet mee en er kwamen zoveel kosten bij dat ik snel tot een conclusie kwam: deze tickets ga ik weggeven. Ik kon ze echter aan de straatstenen niet kwijt, dus besloot ik NRC te vragen of ze in plaats van deze ‘prachtprijs’ niet een boekenbon of iets dergelijks voor mij hadden. Geen reactie. Niet van de salesafdeling, niet van de redactie, niet van het boekingskantoor. Toch jammer. HP De tijd vond het ook niet zo sportief (Lees artikel van 8 oktober 2013: Durf te geven).

Dank Westerpost
Gelukkig won ik in de maand oktober ook een andere prijs, namelijk met een stukje voor de Westerpost in het kader van de Opa en Oma prijsvraag‏. En gisteren viel een prachtige cadeaubon op de mat om Zoon blij te maken bij de speelgoedwinkel. Wanneer Zoon uitgekleuterd is, schrijft hij het stukje maar zelf, maar voor nu even een publicatie van zijn moeder:

Tuin Caroline 1

Oma en de grote bruine slak

Mijn oma woont in een tuinhuisje. Niet altijd, maar wel wanneer het niet meer zo koud is. Dan ga ik bij haar op bezoek. En soms mag ik zelfs blijven slapen.

Met oma heb ik altijd grote lol en beleef ik vele avonturen. Het liefst ga ik met haar vechten met de kussens. Maar daar heeft oma niet altijd zin in. Dat geeft niet hoor, want dan ga ik gewoon in oma’s tuin spelen. Het is een hele mooie tuin. Er zijn veel bloemen en spannende plekjes waar je je kunt verstoppen of lekker wegdromen. Bijvoorbeeld achter de grote dennenboom, aan de achterkant bij de sloot of bij het schuurtje. Ook ga ik wel eens naar het grindpad dat vlak voor het huisje loopt om met steentjes te gooien. Of we gaan hoelahoepen of met de bal spelen. Je hoort het al: bij oma verveel ik mij nooit.

Maar op een dag toen ik bij oma was, gebeurde er iets heel bijzonders. Er waren allemaal slakken bij oma in de tuin. De meeste hadden niet eens een huisje. Ik vond die slakken wel een beetje eng. En een keer was ik per ongeluk op een gaan staan. Dat voelde heel raar, want ik was op blote voeten. En niet alleen op mijn blote voeten: van oma hoefde ik ook geen luier aan. Ik mocht helemaal in mijn blootje. Maar dan moest ik wel aan oma beloven, dat ik haar zou zeggen wanneer ik naar de wc moest gaan.

Dat ging niet helemaal goed, want o wat was het fijn in de tuin. Het was heel mooi weer. De zon scheen en het was zo warm, dat oma het zwembadje had buiten gedaan. Daar ging ik natuurlijk lekker in springen en daarna ging ik in het zonnetje op het tuinpaadje spelen om op te drogen. En toen gebeurde er iets heel raars. Ik was namelijk helemaal vergeten dat ik geen luier meer aan had. En opeens zag ik het! Toen ben ik heel hard naar oma toegerend en heb ik geroepen: “Oma, kom kijken! Er is een hele grote bruine slak!” Ik heb veel avonturen met mijn oma beleefd, maar ik heb oma nog nooit zo hard horen lachen.

Dolce Italia

Lange zwarte rokken tot ver over de knie. Stijf gestreken witte blouses met lange mouwen. Een blauw-wit sjaaltje met semi-abstract en vooral ondefinieerbaar motief om de hals. Straaltjes zweet over onze voorhoofden. En een fronsende Italiaan met zwartgrijze lokken tegenover ons. “Dus jullie komen van de hotelschool in Nederland.” Heel opgewekt klinkt hij niet. “En jij spreekt Italiaans?” Hij wijst sombertjes naar mij. Voor ik iets kan terugzeggen, duwt hij een notitieboekje in mijn handen. “Ga jij dan maar de bestellingen opnemen.”

“Maar spreek Italiaans!”, sommeert menige klant mij. “Waar blijft het eten!”, klinkt het ergens anders vandaan. Als we eindelijk om een uur of een ’s nachts het restaurant kunnen vegen, mogen we van geluk spreken. In het ergste geval blijven de twintig leden van het animatieteam nog even zitten tijdens de uren die we niet eens meer betaald krijgen. Valerio, de restaurantmanager, doet er vaak nog een schepje bovenop. Hij komt dan toekijken hoe ik veeg en zegt: “jij kunt niet vegen”. Dubbel vernederend als je nagaat dat scopare in het Italiaans nog een andere betekenis heeft.

Afgepeigerd stort ik neer op het stapelbed dat ik met Olita deel. Olita is van de preutse soort: onderbroek en beha gaan nooit en te nimmer voor mijn ogen uit. Altijd een keurig pyjamaatje er overheen. Een paar kamers verderop slaapt Sandra, Olita’s tegenpool. Ga je mee stappen? Vraag ze mij iedere avond? Dat genereuze aanbod sla ik meestal af, want met Sandra uitgaan, betekent om drie uur thuiskomen. Op zijn vroegst. Om zes uur ’s ochtends staat Sandra gewoon weer achter de ontbijtbar. Hoe Sandra dat doet, behalve dat ze zich iedere dag achter een dikkere laag plamuur verstopt, is mij onduidelijk.

Raffaele praat niet meer met mij. Hij is boos omdat ik het heb uitgemaakt. Raffa bleek toch niet zo mijn type. Overdag in het restaurant draait hij non-stop The Final Countdown van Europe op maximale volumesterkte. Je wou dat het nu dan toch eindelijk final was. Maar nee. Ook Raffaele’s moeder is boos op mij. Ik mag haar ‘zoontje’ niet meer zo pesten. Sandro leidt de aandacht af en neemt mij in het ootje. Ik schijn nogal te slissen als ik si zeg. En Atillio leert ons hoe je met zes borden tegelijk moet lopen. Raffa kan dat ook en is weer blij want nu kan hij een demonstratie geven. Op de hotelschool is met zoveel borden lopen niet netjes, maar in Italië geeft dat blijk van je kundigheid. Wil je echt fooi vangen? Bied dan stuzzicadente (tandenstokers) aan na het eten. Dat woord zal ik nooit meer vergeten.

Drie maanden later ben ik een doorgewinterde horecarot en keer ik Italiaanssprekend, zo’n vijfduizend gulden rijker en vele kilo’s lichter terug naar Nederland. Maar het kriebelt. Dolce Italia heeft mijn hart gestolen. Dus ga ik Italiaans studeren. Al duurt dat een blauwe maandag – studeren bleek ondanks het übergezellige Bungehuis in Amsterdam niet echt mijn ding op dat moment – ruim vijfentwintig jaar later krijg ik opeens een toepasselijke opdracht: ik mag de trilogie Italiaanse nachten redigeren.

Italiaanse nachten, Irene Cao
De titel doet al een en ander vermoeden. Zelf heb ik Vijftig tinten grijs nog niet gelezen, maar het schijnt tot hetzelfde genre te behoren. Nu vraag ik mij al redigerend geregeld af wat het verschil is tussen dit oeuvre en een Bouquet Reeks en wat nu wel en wat nu niet literair is. Toch verheug ik mij al op deel drie, dat ik binnenkort in handen krijg. Want los van een ruim aantal niets verhullende scenes in de slaapkamer of op andere locaties, is het een spannend verhaal vol passie dat je meeneemt naar mysterieuze oktoberochtenden in Venetië, de heuvels en het boerenland van Toscane, zinderende zomerdagen in Rome en de meest andere prachtige delen van dolce Italia.

Een aanrader dus voor een ieder die van het land, de gewoonten en een flinke dosis ‘romantiek’ houdt.

IMG_2476

Hardlopen: die drempel over

Het is gelukt. Een half jaar na je dieet ben je nog steeds meer dan tien kilo lichter. Maar je bent er nog niet. Er moeten er nog tien af. Dus tijd voor een nieuwe stap. Een goed moment om weer te beginnen met sporten. Een sportschooltype ben ik niet echt, want ik hou van vrijheid en buitenlucht. Dus val ik terug op mijn oude liefde: hardlopen.

Before
Maar waar ik ooit in een ver verleden meer dan twintig kilometer liep, denk ik nu nog voordat ik begonnen ben: het is binnen al hartstikke koud, hoe moet het buiten dan wel niet zijn. Misschien gaat het zo wel regenen. En waar zijn mijn gympen ook alweer? Mijn platvoeten doen pijn. Mijn knieën ook. En ik kom toch niet verder dan 100 meter. Waar begin ik dan eigenlijk aan.

Stap 1
Toch is er iets in mij dat kriebelt. Vanuit een of ander duister motief schijn ik die stap te willen nemen. Dus daar ga ik. Ik hijs mezelf in mijn sportkleren. Omdat ik wel vaker ‘weer begonnen’ ben, heb ik inmiddels het juiste tenue bij elkaar gesprokkeld: verende schoenen met steun aan de binnenkant, een lekker zittende broek die niet afzakt en vooral: een stevige sportbeha. Het geeft een boost zo’n outfit. Ik voel me onmiddellijk als herboren en reuze sportief, dus ga ik over naar stap 2: stretchen.

Stap 2
Er zijn trainers die beweren dat je eerst warm moet zijn voordat je gaat stretchen. Anderen zeggen dat je vooraf moet stretchen en beslist niet achteraf. Maar zelf kan ik het maar niet vaak genoeg doen: vooraf een beetje, wanneer ik warm ben iets meer en achteraf lekker uitgebreid. Ik zit dan en buig voorover tussen mijn benen. Of ik duw de muur weg met mijn hakken in de grond. Wel rustig aan he, niet veren dus. Beetje zwaaien met die armen en schudden met die billen en je kunt gaan.

Stap 3
Hét Moment is aangebroken. Je gaat rennen. En dat doe je heeul langzaam. Als herintreder is het namelijk een veelgemaakte fout om te hard van stapel te lopen. Dan raak je namelijk óf geblesseerd óf gefrustreerd. Dus hanteer je het stappenplan van je trainer (paar minuten rennen, paar minuten gewoon doorstappen). Dat vergat ik nog even te melden: ik doe mee met een groepje met een trainer die er veel verstand van heeft. Een aanrader zo’n clubje met een hardloopexpert vol waardevolle tips. Ook als je al ‘weet hoe het moet’.

After
Na het hardlopen voel je je eerst de held van de eeuw en heel voldaan. Maar daarna stort je in. Je krijgt het nog kouder dan voor het hardlopen, je hebt overal pijn en je bent dagenlang heel erg moe. Tenminste ik dan he. Tot overmaat van ramp zet je het ook nog eens op een eten, want je hebt enorme trek gekregen. Waar ben ik ook alweer aan begonnen en waarom, vraag je je af. Maar na een paar weken gaat het beter. Je hebt het niet meer koud, je bent achteraf niet meer zo moe en je eetpatroon is weer in balans. Je neemt zelfs af en toe een sprintje. En daarna ga je weer lekker stretchen, dit keer tegen een paal in het park…..

IMG_2267

Er is altijd een maar
Maar wat is dat voor smerigheid? Fijnstof? Kerosine? Dieselolie? Een zwart plakkerig goedje kleeft aan mijn hand. Daarna zit het ook op mijn gezicht, shirt en de trapleuning. Hoe gezond is dat eigenlijk, zo’n rondje Sloterplas of Tuinen van Nieuw-West tussen de A9, A4, A10, A200, de Zwanenburgbaan en de Polderbaan? En waar ben ik dan eigenlijk mee bezig?

Op Curaçao hebben ze ook zo hun hardloopmethoden. Lees mijn artikel in het Antilliaans Dagblad Bewegen: lekker in je vel zitten.

ActeerVacaturen foute club?

Als ervaren werk- en kluszoekende gaat het steeds sneller. Soms doe je wel vijf sollicitaties op een dag de deur uit. Maar blijf opletten: er kan een foute club tussen zitten. Neem bijvoorbeeld Acteervacaturen.nl. In al je reageerhaast geloof je het wel met kleine lettertjes. Je vult het formulier in en je vinkt  ‘akkoord met de voorwaarden’ aan zonder ze te lezen. Op een dag is er opeens 45 euro van je rekening afgeschreven. Je wordt wakker. Lees verder