Zoon en het grote stickeravontuur

Over Zoon zou ik een heel blog kunnen volschrijven. Maar misschien zit niet iedereen daar op te wachten. Op zich is het leven van “de witte en de zwarte Spiderman” niet saai te noemen. Dan weer zijn ze “de duiker”, dan weer “de ridder”, en dan weer de slijkspringer, de inktvis of de octopus. En meestal zijn ze in gevecht. In gevecht met de draak, “de Dinosaurus Rex”, de mammoet of met “de gemene cowboy” (ik heb Zoon laatst “Once upon a time in the West” laten zien, de beste film van de vorige eeuw).

Zoon en de witte en zwarte Spiderman

Maar tijdens de avonturen van de witte en de zwarte Spiderman dus – in welke rol dan ook – doen Man en ik regelmatig pogingen om Zoon te laten eten. Tijdens, zodat hij niet merkt dat er eten naar binnen gaat, hopen wij. Ja, heel pedagogisch verantwoord. Patat, chips, koekjes en chocola gaan heel goed. “Pous pous” wilde tijdelijk ook prima, totdat er steeds meer groente doorheen ging. En totaal gepureerde prakkies waar een bouillonblokje aan is toegevoegd waren een groot succes, totdat Zoon – op zich begrijpelijk – die immer aanwezige bouillonsmaak een beetje zat werd en doorkreeg dat er ook linzen, aardappelen en groente bij zaten.

U snapt, wij zijn soms de wanhoop nabij. Datzelfde geldt voor de wc-gang. De details daarover zal ik achterwege laten. Maar gelukkig kwamen crècheleidsters en andere ouders al snel massaal opdraven met De Oplossing: het stickerbeloningssysteem. Na iedere poep en scheet en/of hap krijgt Zoon een sticker op een vel met bijpassend plaatje. Is het vel vol, dan krijgt hij een cadeautje. Zoon blij, bord leeg, wij blij. En we leefden nog lang en gelukkig en plakten ons ongans aan stickers.

Wielsoverleg bij de truk’í pan

CUR – Op het pleintje in Otrobanda staat een truk’i pan. Winchy’s Corner is de naam van de stacaravan die omgebouwd is tot late-night-snacktent. Net als in een Nederlandse shoarmazaak kun je bij een truk’i pan (eigenlijk trùk di pan: broodjes truck) tijdens of na het stappen een stevig broodje halen.

OK, het is geen Curaçaose trùk i pan, maar het had er wel een kunnen zijn

Pan ku steak
‘Brood-je’ is misschien niet helemaal het woord voor de enorme homp gevuld met vlees, kip, bakijou of zeeslak. Maar homp klinkt weer niet eerbiedig genoeg. Want voor een truk’i pan broodje heb ik Respect. Zeker na enkele biertjes. Dat combineert uitstekend. Ik ga niet vertellen hoe lekker die broodjes zijn, want dat doet Indra al op MeetCuracao.com met een recept voor haar favoriete Pan ku steak.

pan-ku-steak

Papito
Het is zondagavond iets na zessen en nog rustig bij Winchi. Na een dagje strand wil ik nog niet meteen naar huis en rij ik langs Papito in Otrobanda. Altijd gezellig met Papito. Zoals verwacht hoef ik niet langs zijn huis, want daar zie ik hem al zitten onder de boom bij Winchi, samen met twee andere mannen. “Niet teveel drinken Papito, roept menige voorbijganger”. Papito moet bij tijd en wijle naar het ziekenhuis als zijn lever het weer welletjes vindt wanneer hij weer eens ‘de geel’ heeft.

Hopeloos
Toch altijd weer bijzonder dat ik bij de truk’i pan van harte welkom ben. Ook al ben ik een vrouw, en meestal de enige. Ook al ben ik makamba, ook meestal de enige. Sterker nog, een paar uurtjes en biertjes later worden de gesprekken steeds beter. En we zijn het allemaal roerend eens: het is hopeloos gesteld met de politiek op het eiland.

Helmin Wiels RIP
Als wij gisteravond bij Winchi zouden hebben gezeten, dan is het wel duidelijk wat het gespreksonderwerp van de avond zou zijn geweest: Helmin Wiels, de leider van de partij Pueblo Soberano en de ‘Wilders van Curaçao’, die op zondag 5 mei 2013 aan het einde van de middag is doodgeschoten op het strand van Marie Pompoen. Vermoedelijk door de maffia, omdat hij de corruptie op het eiland probeerde uit te bannen.

Wielsplein?
We zouden het hebben over zijn beledigingen aan het adres van vrouwen en Nederlanders. Dat zouden wij in mijn bijzijn natuurlijk sociaalwenselijk afkeuren. Maar wij zouden hem ook roemen om zijn enorme charisma. We zouden speculeren over wie hem heeft vermoord. En we zouden ons afvragen of er nu misschien een Helmin Wielsplein komt. Of zou dat net zo omstreden worden als het plein dat dan weer Plaza Hariri (naar de in 2005 vermoorde ex-premier van Libanon), dan weer Palu Blanku heet?

Wij namen nog een biertje en een broodje.

Bon siman

CUR – Het begint op zondag. De laatste happy hours van het weekend zijn nog in gang, maar hier en daar hoor je het al: bon siman. De werkweek is in zicht. Maandag op kantoor kun je er niet meer omheen. Bon siman hier, bon siman daar. Vanuit alle hoeken wenst men elkaar een goede week toe. In Nederland zoiets als ‘goedemorgen hoe was je weekend’. Maar dan positiever. Want iedere keer als je denkt: mijn hoofd doet pijn en ik heb geen zin, dan roept de een of andere blije collega “bon siman”! Het moet wel een goede week worden.

Anders is het op deze après-vakantiemaandag. Ik denk met weemoed aan de stieren in de velden, het Andalusische achterland en de patio vol planten en bloemen.

5

Daarom aan iedereen die net als ik een beetje moeite heeft met opstarten deze week: bon siman.

Rondje kapper

Kijk eens wat vaker in de spiegel van de kapper, luidt de reclameboodschap. Nou, ik kijk nog liever in de spiegel van de tandarts!

Nog geen minuut binnen: “Goh, jouw haar is groen, wat heb je er in gedaan!?” En even later: “Leuk hoor die krullen, maar droog he? Tsjonge wat is jouw haar droog! Wanneer ben je voor het laatst geknipt? Kom je wel een keer in de twee maanden? “ En dan komen de adviezen. Nieuwe shampoo, nieuwe conditioner, nieuwe leave-in, andere verf, olijfolie, niet meer dan een keer per week wassen, alleen kammen als het nat is en vooral: vaker laten knippen. Dat ik toch echt een keer per twee maanden kom hoort ze niet.

Dan beginnen de onderhandelingen. “Hoe wil je het hebben?” Ik waag een poging: niet te kort, beetje afgerond aan de voorkant en absoluut geen laagjes. “Weet je zeker dat je geen laagjes wil? Dat zou toch echt veel leuker zijn. En wat is er met die voorplukken gebeurd? Heb je daar zelf in zitten knippen ofzo? Kijk we nemen deze kleur. Daar word je echt mooi van.”

Na een kwartier sta ik weer buiten. Mijn haar is kort, in laagjes en knalletje rood.

??????????

Iew, een veertiger met sneakers!

De lente hangt in de lucht. En zodra ik de lente voel, wil ik nieuwe gympen. Dat is al jaren zo. Of sterker: decennia. Ik heb er een paar op het oog. En ik word helemaal blij als ik bedenk dat ik ze vanmiddag ga kopen. Ik zie al voor me hoe ik door park en stad rondstuiter op die zowel prachtige als heerlijk zittende nieuwe gympen.

sneakers voor veertigminners

Maar wat lees ik in NRC Next vandaag in een manifest van Arjen Veelen met titel Sorry Oma: als je veertigplus bent, mag je geen sneakers meer dragen! Als je dat wel doet, ben je een crypto-oudere volgens de schrijver en politiek agitator (it worked). Crypto-oudere. Dat moet ik even opzoeken. Ik vind het alleen nergens terug. Waarschijnlijk omdat het een term is die alleen veertigminners is voorbehouden. Of omdat ik nooit begrepen heb hoe cryptogrammen werken.

Hoe dan ook, wat het ook mag zijn, ik ben door de heer Veelen in het verdomhoekje van de crypto-oudere gezet. Oh pardon, ik bedoel ‘Arjen’: vousvoyeren mag volgens hem namelijk ook niet meer. Evenals haren verven en trainingsjasjes dragen na je veertigste. En als inmiddels leesbrildragende veertiger kun je ook maar beter wat salaris inleveren. Want je werkt zogenaamd veel trager dan een veertigminner. Dat doet mij denken aan een ex-collega, een eind twintiger die we-ken deed over het maken van een landing page. Een klus die ik in een paar dagen had kunnen klaren. Waar komt toch de wijsheid vandaan dat jongeren sneller werken dan ouderen? En zou het straatbeeld werkelijk verbeteren als alle veertig plussers op goedvoorjevoetenschoenen zouden lopen?

Sneakers voor 40+ en andere senioren

Het is duidelijk, als veertigplusser tel je niet meer mee. Dan hoef je net als de vijftigplussers niet meer te solliciteren. Het wordt toch niks. Laat staan als je zestigplusser bent. Het is wel wat onhandig, want Wij Veertig Plussers moeten eigenlijk nog wel een beetje werken tot wij op ons zevenenzestigste een riant pensioen kunnen opstrijken. Als het ten minste bij zevenenzestig blijft natuurlijk. En als er tegen die tijd nog zoiets bestaat als pensioen.

Misschien is de Limburggedachte van Arjen Veelen zo’n slechte nog niet. Als we nu met alle veertigplussers naar Limburg zouden emigreren, dan zou het daar weer volstromen. De lokale economie zouden wij stimuleren door dagelijks onze potentieel aankomende artritis te laten behandelen in thermale baden en ’s avonds de kroegen te bevolken om onze onderzoeksresultaten van de huidige rollatormarkt te bespreken. En geen enkele veertigminner zou last hebben van onze paars met roodgekleurde haren en mislukte faceliften.

Hoe de veertigminners dit moeten bekostigen? Van de erfenis van hun oma natuurlijk!

Op 22 februari 2013 verscheen een ingekorte versie van dit bericht in NRC Next

Buurman en buurman

NL – “Goedemorgen poppetje”, zegt de buurman van de hoek met de Lijnbaansgracht terwijl hij langsfietst. Even voel ik mij bijzonder gevleid. Maar wat blijkt: ik ben niet het enige poppetje van de buurman. Hij groet iedereen even vriendelijk. Overal zie en hoor je hem door de Jordaan fietsen. Tringelingeling: “dag poppetje”, tringelingeling: “dag prinsesje”, tringelingeling: “oh dag meneer”, tringelingeling: “he, hoe gaat het”.  Altijd keurig met hoed en lichtkleurige regenjas. En altijd op de fiets.

De mysterieuze buurman
Wie is die man en waar zou hij vandaan komen, vraag ik mij vaak af. Lees verder

Trap er niet in

Hoe vaak ik er wel niet ben ingetrapt. Soms met mijn beide ogen open. Dan zag ik het aankomen. En toch kon ik het niet voorkomen. Vorige week vrijdag nog. Belangrijke reden dat ik toen niet zoals anders een bericht heb geplaatst. Take your loss and go on. Dat is een van de belangrijkste lessen die ik in mijn leven heb geleerd.

Je geeft het niet openlijk toe, maar je kent het vast wel. Je wordt opgelicht. En je wist van tevoren ergens wel dat het zou gebeuren. Een interessante deal aan de deur. Normaalgesproken koop je Nooit aan de deur! Maar dit is toch wel zo’n plausibel verhaal. Lees verder

Zo schilder je je huis

NL – Bladdert de verf aan alle kanten er af? Durf je met je schroevendraaier niet in de hoeken van je kozijnen te prikken, omdat je vreest dat hij er in zal verdwijnen? En bungelen er diverse overblijfselen van bijna antieke rolluiken aan je gevel  en weet je niet wat er achter vandaan komt als je die zou verwijderen? Eind september, het kan nog net. De temperatuur komt nog niet beneden de vijftien graden en tussen de buien door schijnt de zon. Het houtwerk buiten aanpakken, zeven tips.

Lees verder

Een nieuw jaar

NL – 3 september. De scholen beginnen weer.  Het gros van de kindjes op de crèche is weer terug van een lange vakantie in Marokko. Ranya – het normaalgesproken hyperactieve vriendinnetje van Zoon – is nog helemaal stil van alle indrukken die ze daar heeft opgedaan. Maar ik verwacht dat ze zo weer met Zoon staat te springen. Zoon krijgt een hoed op en deelt kadootjes uit. Want ook voor hem is het een nieuw jaar. Zijn derde.

En ik? Aan het einde van de zomer ontstaat er altijd weer een drang naar nieuwe schoenen. Lees verder

De lok van de bok

Ik woon naast een kinderboerderij. Dat is vaak best leuk. ’s Ochtendsvroeg hoor je de hanen kraaien. Even later loeien de koeien wanneer ze te eten krijgen. Dan zetten de ezels het op een jammeren en de schapen op een blèren. Nog half in slaap waan ik mij in die boerenhut in een bloemrijke vallei in Costa Rica met paarden en stoere cowboys in het veld. Maar niks is minder waar. Het is een gewone doordeweekse werkdag in Amsterdam.

Gètver
Ik zet de fiets klaar om Zoon er op te hijsen. Het heeft de nacht geregend en de ochtendlucht voelt heerlijk fris. Ik neem een diepe teug, maar dan: gètver! Een indringende lucht komt mij tegemoet. Een bekende lucht ook. Natuurlijk, het is die grote oude bok. Sommige bokken stinken zo, omdat ze zichzelf helemaal onder piesen. Daarmee laat de betreffende bok andere bokken weten, dat hij de baas is (volgens het filmpje, 0:14 sec).

Bokkenlucht
Met de lucht van bokken ben ik goed bekend. In mijn derde woning op Curaçao aan de Kaya bandera (straat van de vlag) in Rooi Santu woonde ik namelijk naast een hele geitenfamilie. Of misschien waren het meerdere families. Dat was niet helemaal duidelijk, want geiten zijn niet bang voor incest, zo blijkt. In ieder geval had mijn buurman wel vijftig geiten. Lees verder